Bijzondere waardevermindering

Jaarlijks, en telkens wanneer er aanwijzingen zijn dat hun nettoboekwaarde mogelijk hoger is dan hun realiseerbare waarde, test de Groep (groepen van) KGE’s waaraan goodwill was toegerekend, op bijzondere waardeverminderingen. Deze analyse vereist dat het management de toekomstige kasstromen die de KGE’s naar verwachting genereren, en een relevante disconteringsvoet voor de berekening van de contante waarde schat.

Zie ook toelichting F28 Bijzondere waardevermindering van materiële vaste activa, immateriële activa en investeringen die worden verwerkt volgens de equity-methode.

Uitgestelde belastingvorderingen

De boekwaarde van de uitgestelde belastingvorderingen wordt op elke verslagdatum beoordeeld. De boekwaarde van een uitgestelde belastingvordering wordt verminderd in zoverre het niet langer waarschijnlijk is dat er voldoende belastbare winst beschikbaar zal zijn om een deel van of de volledige uitgestelde belastingvordering te kunnen gebruiken. Deze vermindering wordt teruggeboekt als het waarschijnlijk wordt dat er voldoende belastbare winst beschikbaar zal zijn.

Uitgestelde belastingvorderingen anders dan overgedragen fiscale verliezen worden per geval beoordeeld, rekening houdend met alle relevante feiten en omstandigheden. Zo kan een belastbare winst van nul, na aftrek van de bedragen die conform toegezegd-pensioenregelingen zijn uitgekeerd aan gepensioneerden en waarvoor een aftrekbaar tijdelijke verschil bestond, een opname van onderliggend uitgestelde belastingvorderingen rechtvaardigen. Opname van uitgestelde belastingvorderingen voor overgedragen fiscale verliezen vereist een positieve belastbare winst gedurende het jaar zodat fiscale verliezen die in het verleden zijn ontstaan kunnen worden aangewend. Gezien de onzekerheden inherent aan het voorspellen van een dergelijke positieve belastbare winst, is opname van uitgestelde belastingvorderingen uit hoofde van overgedragen fiscale verliezen gebaseerd op een analyse per geval. Deze is meestal gebaseerd op een vijfjaarse winstprognose, met uitzondering van financiële ondernemingen waarvoor tienjaarse winstprognoses goed voorspeelbaar zijn en aldus worden gebruikt.

Het Corporate Tax Reporting Team heeft een overzicht van de uitgestelde belastingposities van de Groep en is betrokken bij de beoordeling van de uitgestelde belastingvorderingen.

Zie toelichting F7.B voor bijkomende informatie. Uitgestelde belastingen in de geconsolideerde staat van financiële positie.

Verplichtingen inzake personeelsbeloningen

De actuariële veronderstellingen die gebruikt worden om de verplichtingen voor toegezegd-pensioenregelingen per 31 december en de jaarlijkse kosten te bepalen, zijn te vinden in toelichting F31 Voorzieningen. Alle plannen voor personeelsbeloningen worden jaarlijks door onafhankelijke actuarissen geëvalueerd. De disconteringsvoeten en inflatiecijfers worden op Groepsniveau door het management vastgelegd. De andere veronderstellingen (zoals verwachte toekomstige loonsverhogingen en de verwachte aangroei van de medische uitgaven) worden op lokaal niveau bepaald. De centrale afdeling Personeelszaken van de Groep superviseert alle plannen met de hulp van een centrale actuaris, en gaat na of de resultaten aanvaardbaar zijn en waakt over de consistentie van de verslaggeving.

Zie toelichting F31.A voor bijkomende informatie. Voorzieningen voor personeelsbeloningen.

Milieuvoorzieningen

De milieuvoorzieningen worden gezamenlijk beheerd en gecoördineerd door de afdeling Milieusanering en de afdeling Financiën.

De voorspelling van uitgaven wordt verdisconteerd naar hun contante waarde.

De disconteringsvoet, die vastgelegd wordt per geografische zone, komt overeen met een gemiddeld risicovrij rendement voor staatsobligaties met een looptijd van 10 jaar. Het is de afdeling Financiën die de disconteringsvoet bepaalt. Hij kan worden herzien op basis van de evolutie van de economische parameters in het betreffende land.

Om het verstrijken van de tijd te weerspiegelen worden de voorzieningen elk jaar verhoogd op basis van de hierboven beschreven disconteringsvoeten.

Zie toelichting F31.B voor bijkomende informatie. Andere voorzieningen dan voor de personeelsbeloningen.

Voorzieningen voor geschillen

Alle belangrijke geschillen (zoals over belastingen en andere zaken, inclusief dreigende geschillen) worden door de eigen juridische dienst van Solvay onderzocht en dit op zijn minst elk kwartaal. De juristen krijgen hiervoor indien nodig ondersteuning van externe adviseurs. Dit onderzoek gaat ook over de vraag of voorzieningen dienen te worden aangelegd en/of bestaande voorzieningen dienen te worden geherwaardeerd. Dit gebeurt in overleg met de afdelingen Financiën en Verzekeringen.

Zie toelichting F31.B voor bijkomende informatie. Andere voorzieningen dan voor de personeelsbeloningen.

Reële-waardeaanpassingen bij bedrijfscombinaties

In overeenstemming met IFRS 3 Bedrijfscombinaties waardeert de Groep de identificeerbare verworven activa en (voorwaardelijke) overgenomen verplichtingen bij een bedrijfscombinatie tegen reële waarde. Reële-waardeaanpassingen worden gebaseerd op schattingen en waarderingsmodellen van derden, bijvoorbeeld voor voorwaardelijke verplichtingen en immateriële activa die niet werden opgenomen door de overgenomen partij. Vaak worden interne maatstaven gebruikt voor het waarderen van specifieke productie-uitrusting. Bij elk van deze waarderingsmethoden worden veronderstellingen gebruikt zoals verwachte toekomstige kasstromen, resterende gebruiksduur enz.

Zie ook toelichting F22 Goodwill en bedrijfscombinaties voor meer informatie.

Classificatie als aangehouden voor verkoop

Activa worden geclassificeerd als aangehouden voor verkoop indien hun boekwaarde zal gerealiseerd worden in een verkooptransactie in plaats van door het voortgezette gebruik. Deze voorwaarde is enkel vervuld als de verkoop zeer waarschijnlijk geacht wordt en als het actief gereed is voor onmiddellijke verkoop in zijn huidige staat. Naast andere voorwaarden, moet het gepaste management niveau zich verbinden tot de verkoop, die naar verwachting opgenomen zou moeten worden als een afgeronde verkooptransactie binnen één jaar na de datum van de classificatie. In bepaalde gevallen kan een actief echter gedurende langer dan één jaar binnen deze classificatie blijven indien het niet verkocht wordt wegens gebeurtenissen of omstandigheden waarover de Groep geen controle heeft.

Solvay Indupa

Vermits een verkoop binnen 12 maanden zeer waarschijnlijk geacht werd op 31 december 2015, bleef Solvay Indupa geclassificeerd als vast actief aangehouden voor verkoop en beëindigde bedrijfsactiviteiten per die datum. Op 7 december 2016 verkreeg Solvay de goedkeuring van de Braziliaanse mededingingsautoriteit CADE voor de overeengekomen verkoop van zijn 70,59% aandeel in Solvay Indupa aan de Braziliaanse chemiegroep Unipar Carbocloro. De transactie werd afgerond op 27 december 2016, voor een totale ondernemingswaarde van USD 202,2 miljoen. De gerelateerde bijzondere waardevermindering is gebaseerd op de verwachte netto kasstromen.

Acetow

Op 7 december 2016 heeft Solvay een overeenkomst gesloten voor de verkoop van zijn bedrijfstak cellulose-acetaatkabels, Acetow, aan private equity fondsen beheerd door Blackstone. De transactie zal naar verwachting in de eerste helft van 2017 worden afgerond en is afhankelijk van de gebruikelijke sociale procedures en de goedkeuring van de relevante mededingingsautoriteiten.

Emerging Biochemicals

Op 14 december 2016 ondertekende Solvay een definitieve overeenkomst voor de verkoop van zijn 58,77% aandeel in zijn Thaise dochteronderneming Vinythai PCL aan het Japanse bedrijf AGC Asahi Glass (AGC) en stapt daarmee uit zijn Aziatische polyvinylchloride (pvc) activiteiten. De afronding van deze transactie was afhankelijk van de gebruikelijke voorwaarden, waaronder de goedkeuringen van de mededingingsautoriteiten, en vond plaats op 22 februari 2017.

Zie ook toelichting F25 Activa aangehouden voor verkoop voor meer informatie.

Beoordeling op niveau 3 van de reëlewaardehiërarchie

Inovyn

Solvay bracht op 1 juli 2015 zijn Chloorvinyls-activiteit onder in de joint venture Inovyn.

De reële waarde van het afgeleid financieel instrument, dat een bijkomende op prestatie gebaseerde betaling weergeeft, die Solvay zou ontvangen voor de verkoop van Inovyn bedroeg € 244 miljoen op 31 december 2015. De reële waarde ervan was grotendeels gebaseerd op inputs van niveau 3, namelijk contractueel vastgelegde REBITDA-multiples, die het resultaat zijn van de vergelijking van de verwachte uitstapprijs met de reële waarde van de deelneming van 50% die Solvay bezit in Inovyn. De reële waarde steeg naar € 335 miljoen ingevolge de bindende overeenkomst die met INEOS werd afgesloten op 31 maart 2016 voor een vroegtijdige uitstap. Het instrument werd afgewikkeld op 7 juli 2016.

Zie ook toelichting F32 Financiële instrumenten en beheer van financiële risico's.

Zeggenschap

Solvay oordeelt dat het de zeggenschap over de belangrijkste relevante activiteiten van haar Venezolaanse activiteiten behoudt. In geval van verlies van zeggenschap over de Venezolaanse juridische entiteit zal een omrekeningverlies op valuta van € 60 miljoen overgeheveld moeten worden naar de geconsolideerde winst-en-verliesrekening.